Blog: De kunst om los te laten

Een collega komt het kantoor binnengestormd: “Kelly, je MOET nu iets doen! Het loopt volledig uit de hand. Het huis is heel vies, overal ligt rommel en mevrouw heeft al zeker een week dezelfde kleding aan.”

Mw. Jansen is sinds een jaar of zes weduwe en woont in een eengezinswoning. De normen en waarden van mevrouw Jansen met betrekking tot hygiëne zijn iets anders dan de normen en waarden van de meeste van ons. Sinds het overlijden van haar echtgenoot blijkt dat mevrouw het eigenlijk allemaal niet meer zo goed aan kan. Tijdens de huisbezoeken manoeuvreer ik behendig tussen het opgestapelde oud papier en de lege verpakkingen door. Ik schuif wat spullen aan de kant zodat ik een plaatsje heb om te zitten, mijn schoenen plakken aan de vloer vast. Ik probeer door de rommel heen te kijken en de persoon erachter te zien. Wekelijks probeer ik het vertrouwen te winnen in mijn huisbezoeken. Mevrouw is in het begin wantrouwend maar stukje bij beetje leert ze me beter kennen en het vertrouwen tussen ons groeit.

Ik besluit na wat weken om te starten met 2x in de week een zorgmoment. Een enorme stap voor mevrouw. Het huis laat ik voorlopig even voor wat het is, alhoewel mijn handen jeuken weet ik dat ik mijn opgebouwde vertrouwen meteen afbreek als ik mw. haar ‘veilige’ thuis onder handen laat nemen. Tijdens het huisbezoek stel ik mezelf een paar vragen: “Voldoet het huishouden aan de gangbare hygiëne-normen? Nee. Is het op dit moment gevaarlijk voor mw. of iemand anders? Ook nee.” Geen actie dus voor nu. Mijn collega’s hebben daar op dat moment wat meer moeite mee. Het zorgen zit in hun bloed, ze zouden dolgraag eens flink de bezem erdoor halen. Ik leg uit dat het feit dat wij bij deze mevrouw zorg mogen leveren en binnen mógen komen voor nu al het hoogst haalbare doel is en dat ik ontzettend tevreden ben met dit resultaat. Het op orde brengen van het huishouden en mevrouw haar persoonlijke hygiëne is een zorg voor later.

Soms is het aan de wijkverpleegkundige om niet mee te rennen in de chaos, maar om juist even stil te staan. Te vragen wat de klant nou eigenlijk écht wilt en te kijken waar de behoefte ligt. Vaak is het de kunst om niet op te lossen, maar om het los te laten en dat is moeilijk want we zijn zo geneigd om te ‘zorgen’. Dat is een diep geworteld gevoel wat vanbinnen zit en wat elke zorgverlener wel herkent. Even loslaten totdat iemand er klaar voor is, want je kunt pas echt iemand helpen als iemand om hulp vraagt.

Kelly Antheunisse
Wijkverpleegkundige

De gebruikte namen zijn om privacy redenen gefingeerd.